De drogestof-verliezen worden ongeveer gehalveerd, van 13% (bij onbehandeld) naar 7% (bij toevoeging van 1188). Door het hogere melkzuurgehalte (zie figuur 1), zakt de pH namelijk sneller, waardoor de kuil eerder stabiel is. Hierdoor wordt de periode waarin nog afbraak van koolhydraten en eiwitten optreedt verkort.
Drogestof-verliezen worden stopgezet
De drogestof-verliezen worden niet enkel gehalveerd door het gebruik van 1188; de drogestof-verliezen van de controlegroep gaan bovendien gewoon door, terwijl Pioneer inkuilmiddel 1188 de drogestof-verliezen stil legt.
Minder duur eiwit gaat verloren
Doordat de kuil sneller stabiel is, gaat er minder duur eiwit verloren. Door het gebruik van 1188 werd er ook een lagere ammoniakfractie (NH3= eiwitafbraak door rotting) gemeten (zie figuur 3). Daarnaast zorgt NH3 voor verminderde smakelijkheid. Al na ongeveer 14 dagen is de NH3 fractie bij 1188 stabiel, terwijl deze in onbehandeld verder blijft oplopen na verloop van tijd.
Smakelijker kuilvoer
Door o.a. de combinatie van meer melkzuur (= fris, smakelijk zuur) en een lagere ammoniakfractie (NH3) is het kuilvoer smakelijker, waardoor de drogestofopname van de koeien wordt verhoogd. Dit is, naast reeds jarenlange praktijkervaringen, in eerder onderzoek ook reeds aangetoond (bron: Universiteit van Göttingen, Duitsland).
Optreden boterzuur wordt geremd
Verder is bekend dat, zeker in nattere graskuilen, het optreden van boterzuur sterk wordt geremd door het gebruik van 1188. Door de snelle pH daling krijgen boterzuurbacteriën namelijk geen kans om zich uit te breiden.